-
Dubbele verhuur
Heeft de verhuurder dezelfde zaak tweemaal verhuurd, dan is er sprake van dubbele verhuur. In die situatie geldt het volgende: Beide huurders hebben recht op nakoming van hun huurovereenkomst en kunnen terbeschikkingstelling van het gehuurde eisen. De huurrechten van de huurders botsen echter lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
Huurrecht → Verplichtingen van de verhuurder → Ter beschikking stellen van het gehuurde
-
Uitsluiten aansprakelijkheid door de verhuurder
Huurprijsvermindering Van het recht van de huurder tot huurprijsvermindering kan niet ten nadele van de huurder worden afgeweken voor gebreken die verhuurder bij het aangaan van de huurovereenkomst kende of had behoren te kennen (art. 7:209 jo. 7:207 lid 1 BW). Wel kan lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
-
Overlijden verhuurder/huurder
Algemeen Overlijden van de huurder of de verhuurder doet de huurovereenkomst niet eindigen. Art. 7:229 BW geeft een algemene hoofdregel voor deze situatie. Deze regel is van regelend recht: in de huurovereenkomst mogen afwijkende bepalingen worden opgenomen. De algemene regel van art. 7:229 lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
-
Opzegging door de verhuurder
Als een huurovereenkomst voor bepaalde tijd is gesloten, eindigt de overeenkomst niet na afloop van de overeengekomen duur. De overeenkomst moet altijd worden opgezegd. Tussentijdse opzegging is echter niet mogelijk. Opzegging is alleen mogelijk tegen het einde van de overeengekomen duur, met inachtneming lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
-
Opzegging door de verhuurder
Kenmerkend voor 290-bedrijfsruimte zijn de vereisten waar de opzegging aan dient te voldoen en de beperkte opzeggingsgronden die de verhuurder heeft. De formele vereisten waar een opzegging door de verhuurder aan dient te voldoen zijn als volgt: In de opzeggingsbrief moet de verhuurder lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
-
Vorderingen verhuurder bij niet nakoming door huurder
Komt de huurder zijn verplichtingen niet na, dan schiet hij tekort in de nakoming van zijn verplichtingen (wanprestatie). De verhuurder heeft dan de volgende mogelijkheden: Vordering tot nakoming. Vordering tot schadevergoeding, tenzij de tekortkoming niet aan de huurder kan worden toegerekend (art. 6:74 lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
-
Verhuurder niet in staat gehuurde ter beschikking te stellen
Soms kan de verhuurder de gehuurde zaak niet ter beschikking stellen. Daarbij kan gedacht worden aan: De vorige huurder heeft het gehuurde niet tijdig opgeleverd. Gehuurde zaak is tweemaal verhuurd en al ter beschikking gesteld. De huurder kan in zo’n situatie niet met lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
Huurrecht → Verplichtingen van de verhuurder → Ter beschikking stellen van het gehuurde
-
Opzegtermijnen bij opzegging door verhuurder
Voor de verhuurder bedraagt de opzegtermijn minimaal drie maanden. Deze termijn wordt voor ieder ‘vol’ huurjaar met een maand verlengd tot een maximum van zes maanden. Wordt een te korte termijn in acht genomen of wordt er tegen een verkeerde datum opgezegd, dan lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
Huurrecht → Specifieke bepalingen woonruimte → Opzegging door de verhuurder
-
Verplichtingen van de verhuurder
lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
-
Overlijden verhuurder/huurder bij huur woonruimte
Art. 7:268 BW kent een specifieke bepaling voor het overlijden van een huurder van woonruimte (zie nr. 56). lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
Huurrecht → Bijzondere bepalingen → Overlijden verhuurder/huurder
-
Overlijden verhuurder/huurder bij 290-bedrijfsruimte
Voor 290-bedrijfsruimte is een specifieke aanvullende bepaling opgenomen in art. 7:302 BW. Hierin is geregeld dat de erfgenamen van de huurder van 290-bedrijfsruimte de huurovereenkomst mogen opzeggen binnen zes maanden na het overlijden van de huurder, met inachtneming van een opzegtermijn van zes lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
Huurrecht → Bijzondere bepalingen → Overlijden verhuurder/huurder
-
Veranderen gehuurde door huurder
De wet kent een aantal specifieke bepalingen voor de situatie dat de huurder wijzigingen aan het gehuurde wil aanbrengen (art. 7:215, 216 en 224 BW). Uitgangspunten De huurder mag veranderingen en toevoegingen doorvoeren die zonder noemenswaardige kosten ongedaan kunnen worden gemaakt (art. 7:215 lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
-
Toestemming en rechterlijke machtiging
Voor woonruimte moet toestemming door de verhuurder worden gegeven (binnen acht weken) indien de wijziging de verhuurbaarheid van de woning niet schaadt (art. 7:215 lid 2 en 3 BW). In andere gevallen geldt als uitgangspunt of de wijzigingen noodzakelijk zijn voor een doelmatig lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
Huurrecht → Verplichtingen van de huurder → Veranderen gehuurde door huurder
-
Oplevering bij het einde van de huurovereenkomst
De huurder is verplicht het gehuurde aan het einde van de huurovereenkomst aan verhuurder op te leveren en vrij van gebruik ter beschikking te stellen (art. 7:224 lid 1 BW). Omtrent de staat waarin het gehuurde door de huurder moet worden opgeleverd, is lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
-
Ter beschikking stellen van het gehuurde
Ingevolge art. 7:203 BW moet de verhuurder de gehuurde zaak aan de huurder ter beschikking stellen en laten voor zover dat voor het overeengekomen gebruik noodzakelijk is. De huurder moet een zodanige beschikking over de zaak krijgen, dat hij er het overeengekomen gebruik lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
-
Onderhoud
In hoofdstuk III ‘Verplichtingen van de huurder’ is uiteengezet dat de wet enkel voor woonruimte een onderhoudsverdeling aangeeft. Voor 290-bedrijfsruimte en 230a-ruimte kent de wet geen onderhoudsverdeling. Het verrichten van onderhoud is echter ook voor deze huurobjecten wél een verplichting van de verhuurder. lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
-
Overlast
Indien overlast wordt veroorzaakt door een willekeurige derde, is sprake van een feitelijke stoornis door een derde, hetgeen geen gebrek oplevert. Als er echter sprake is van overlast door een derde, maar de verhuurder heeft zodanige bevoegdheden om tegen die derde op te lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
-
Herstel van het gebrek
De verhuurder is verplicht het gebrek te herstellen als de huurder er om vraagt, tenzij dat onmogelijk is of uitgaven vereist die in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs niet van de verhuurder zijn te vergen (art. 7:206 lid 1 BW). Er ontstaat ernstige brandschade lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
-
Dringende werkzaamheden en renovatie
Dringende werkzaamheden Een van de uitgangspunten van de huurrelatie is dat de verhuurder zijn huurder het rustig huurgenot moet verschaffen. Een uitzondering op deze regel wordt gevormd door art. 7:220 BW. In dit artikel wordt bepaald dat de verhuurder het recht heeft dringende lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
-
Renovatie
Art. 7:220 BW is niet alleen van toepassing met betrekking tot onderhoud en dringende werkzaamheden, maar ziet ook op de situatie dat de verhuurder wil renoveren met voortzetting van de huurovereenkomst. Art. 7:220 BW geeft de verhuurder de mogelijkheid een renovatie door te lees verder
W. Raas (Mr.), M. van Schie (Mr.), F.H.J. van Schoonhoven (Mr.) en T.H.G. Steenmetser (Mr.)
Huurrecht → Bijzondere bepalingen → Dringende werkzaamheden en renovatie