-
Quasi-legaten algemeen
Wat is een quasi-legaat? In art. 42 wordt een definitie gegeven van de uiterste wilsbeschikking. Het kenmerk van een uiterste wilsbeschikking is de eenzijdigheid en het werken bij overlijden. Een overeenkomst die pas werking heeft bij overlijden, kan dus niet als uiterste wilsbeschikking lees verder
F.W.J.M. Schols en F.J.P.G. van Haare
-
Waarom is de quasi-legatenregeling nodig?
Zonder nadere regeling zou de aanspraak uit hoofde van een zodanige overeenkomst moeten worden aangemerkt als een schuld van de erflater die niet met zijn dood tenietgaat, als bedoeld in art. 7 lid 1 onder a. Bestaande schuldeisers worden dan plotseling, bij het lees verder
F.W.J.M. Schols en F.J.P.G. van Haare
-
Een opsomming van de quasi-legaten
In art. 126 worden de quasi-legaten opgesomd. Het betreft: Een schenking of gift die de strekking heeft pas na het overlijden van de schenker te worden uitgevoerd en die niet tijdens leven is uitgevoerd (lid 1). Hieronder vallen schenkingsovereenkomsten die een opschortende tijdsbepaling lees verder
F.W.J.M. Schols en F.J.P.G. van Haare
-
Wat is een quasi-legaat?
In art. 42 wordt een definitie gegeven van de uiterste wilsbeschikking. Het kenmerk van een uiterste wilsbeschikking is de eenzijdigheid en het werken bij overlijden. Een overeenkomst die pas werking heeft bij overlijden, kan dus niet als uiterste wilsbeschikking worden gekwalificeerd, omdat aan lees verder
F.W.J.M. Schols en F.J.P.G. van Haare
-
Quasi-legaten
lees verder
F.W.J.M. Schols en F.J.P.G. van Haare
-
Voorbeeld
Deze bedingen worden veel gemaakt in samenlevingsovereenkomsten. Zo kan een verblijvingsbeding met betrekking tot de gemeenschappelijke woning met zich brengen dat de langstlevende partner bij overlijden de woning verkrijgt zonder vergoeding van de waarde. Zijn de partners van nagenoeg gelijke leeftijd, dan voorkomt lees verder
F.W.J.M. Schols en F.J.P.G. van Haare
Erfrecht → Quasi-legaten → Een opsomming van de quasi-legaten
-
Schulden van de nalatenschap
Wil men het erfrecht goed doorgronden, dan dient men de systematiek van de schulden van de nalatenschap goed voor ogen te hebben. De schulden van de nalatenschap In art. 7 lid 1 worden de schulden van de nalatenschap opgesomd. zijn: de schulden van lees verder
F.W.J.M. Schols en F.J.P.G. van Haare
-
Voorrangsregeling en een gelijkstellingsregeling
In lid 2 en 3 van art. 7 treft men een voorrangsregeling en een gelijkstellingsregeling aan. Van belang in het ‘schuldeiserssysteem’ is in dit kader ook de vermindering van legaten (art. 120, zie nr. 13 en 16) en de quasi-legatenregeling (art. 126, zie lees verder
F.W.J.M. Schols en F.J.P.G. van Haare
-
Niet-opeisbaarheidsclausule
Net als bij echte legaten ten behoeve van de (huwelijks)partner/andere levensgezel kan met betrekking tot de quasi-legaten ook een ‘niet-opeisbaarheidsclausule’ worden opgenomen in het testament, om legitimarissen op afstand te houden (art. 129). Zie nr. 39. lees verder
F.W.J.M. Schols en F.J.P.G. van Haare
Erfrecht → Quasi-legaten → Een opsomming van de quasi-legaten
-
Het vrij verkeer van goederen onder art. 28 en 29 EG en het vrij verkeer van werknemers, diensten, vestiging en kapitaal hebben een aantal zaken gemeen: Elke maatregel die een direct onderscheid maakt gericht tegen buitenlandse goederen, diensten, werknemers, zelfstandige ondernemers of kapitaal lees verder
Beginselen van vrij verkeer
F. Amtenbrink, G. Davies en H.H.B. Vedder
-
De machtspositie
Ook al is in hoofdstuk I ‘Beginselen en economie van het mededingingsrecht’ de economische achtergrond van het mededingingsrecht belicht, toch betekent dat nog niet dat de economische doctrines steeds onverkort door mededingingsrechtjuristen worden toegepast. Het beste voorbeeld van die discrepantie is te vinden lees verder
J.F. Appeldoorn (Mr. dr.) en H.H.B. Vedder (Prof. dr.)
-
Het misbruik
Alvorens hierna de verschillende vormen van misbruik aan bod te laten komen, dient er nogmaals op te worden gewezen dat het verboden gedrag dat de dominante onderneming vertoont, enkel verboden is doordat de onderneming een machtspositie heeft. Anders gezegd: een niet-dominante onderneming overtreedt lees verder
J.F. Appeldoorn (Mr. dr.) en H.H.B. Vedder (Prof. dr.)
-
Uitsluitingsmisbruik
De tweede categorie bestaat uit het zogenoemde ‘uitsluitingsmisbruik’, waarbij de dominante onderneming met behulp van bepaalde technieken tracht haar concurrenten van de markt te verdrijven, waarbij haar dominantie haar in staat stelt dergelijke technieken, al dan niet in combinatie, succesvol te kunnen toepassen. lees verder
J.F. Appeldoorn (Mr. dr.) en H.H.B. Vedder (Prof. dr.)
-
Indirecte methoden
De tweede variant is die van de indirecte methoden. Deze hebben gemeen dat zij niet zozeer op de concurrent zijn gericht, maar trachten de afnemers aan de dominante onderneming te binden. Het is deze variant van het uitsluitingsmisbruik waar de creativiteit van de lees verder
J.F. Appeldoorn (Mr. dr.) en H.H.B. Vedder (Prof. dr.)
-
Voorbeeld
Een voorbeeld is wanneer een fabrikant van zowel auto’s als benzine de consument bij aankoop van een auto zou verplichten alleen benzine voortaan bij een van de eigen pompstations te kopen. De dominantie van de verkopende partij op de markt voor auto’s wordt lees verder
J.F. Appeldoorn (Mr. dr.) en H.H.B. Vedder (Prof. dr.)
Mededingingsrecht → Uitsluitingsmisbruik → Indirecte methoden
-
Lidmaatschap
Sinds de toetreding van de Volksrepubliek China in december 2001, is de WTO een quasi-universele organisatie. Haar 151 leden vertegenwoordigen meer dan 95% van de wereldhandel. Drie vierde van de WTO-leden zijn ontwikkelingslanden. Niet alleen staten, maar ook de autonome douanegebieden, zoals Hongkong, lees verder
Prof. dr. P.L.H. Van den Bossche
Internationaal handelsrecht → Institutionele aspecten van de WTO
Filter op rechtsgebied